Nieuws en actualiteiten

button programma

 

 

 

 

 

Zie voor gestelde vragen aan het college de rubriek: Berichten en de Brabantse impact monitor   (Nieuw)

 

Ons standpunt over herindelen Lees meer


Landelijk politiek nieuws en plaatselijke actualiteiten

 

  

 

Thuiswerken tijdens een hittegolf: zo werkt het

Het is heet en voorlopig blijven de temperaturen hoog. We werken momenteel nog en masse vanuit huis door de coronamaatregelen, ook nu er sprake is van een hittegolf. Wat kun je beter wel en niet doen om het hoofd koel te houden? En is de gemeente als werkgever verantwoordelijk voor een koele werkplek?

Op de werkvloer is de gemeente als werkgever verantwoordelijk voor een koele plek, maar thuis is dit niet zo. Niet alle regels die van toepassing zijn op het werken op kantoor gelden voor thuiswerken, zo meldt vakbond FNV.

Ook de Algemene Werkgeversvereniging Nederland (AWVN) schrijft dat een werkgever geen verplichting heeft om te zorgen voor een koele werkplek. Kosten voor bijvoorbeeld een airco of ventilator hoeft deze dan ook niet te vergoeden. Werknemers zouden volgens de vakbonden wel andere werktijden kunnen hanteren (werken als het koeler is) en vaker pauze nemen (liefst in een koele ruimte).

Normaal gesproken is een werkgever op grond van de Arbowet verantwoordelijk voor een goede thuiswerkplek. ‘Nu het thuiswerken voor de meesten niet uit eigen keuze is ontstaan, geldt een bijzondere situatie. Maar de zorgplicht van de werkgever geldt nog steeds,’ aldus ArboNed.

Thuiswerken of naar kantoor?

Wat te doen als het thuis echt te warm is? De AWVN legt uit dat in het Arbobesluit geen concrete gegevens staan genoemd over bij welke temperatuur je thuis nog kunt werken. Wel dat dit geen schade aan de gezondheid van werknemers mag veroorzaken.

Op sommige kantoren kunnen werknemers weer, in kleine clubjes, terecht. ‘Als het echt niet te doen is thuis, kun je misschien afspraken maken om toch op kantoor te werken,’ aldus de FNV. Dit gebeurt inderdaad momenteel op verschillende plekken. ‘De airco lokt werknemers in hittegolf naar kantoor,’ laten meerdere werkgevers aan de NOS weten.

Tips voor thuiswerkers

Voor wie thuis blijft hebben we een aantal slimme tips verzameld om hittestress en verminderde productiviteit tegen te gaan.

Gebruik de zonwering
Laat ’s ochtends de koele lucht binnen en sluit na het luchten en zodra het warmer wordt de gordijnen. Heb je trouwens een werkplek met airco? Houd de ramen dan dicht om het systeem niet te ontregelen.

Zet elektrische apparaten uit
Kijk rond in je werkruimte. Staat er misschien nog een elektrisch apparaat aan dat geen dienst doet, zoals een printer, andere computer of verlichting? Door deze apparaten uit te schakelen, voorkom je dat ze (nog meer) warmte afgeven. 

Voorkom een oververhitte laptop
Ook je laptop kan last hebben van hittestress. Een paar tips: dek bijvoorbeeld de ventilatieroosters (vaak aan de onderkant en zijkant) niet af, anders loop je het risico dat de warmte niet afgevoerd wordt en deze oververhit raakt. Zet de laptop daarom op een harde ondergrond zoals een tafel en niet op je schoot. Merk je dat je computer te warm wordt? Gun ‘m een pauze en leg het apparaat even op een koelere plek weg om af te koelen.

Lekker luchtig
Luchtige, katoenen kleding zit het lekkerst tijdens warme dagen. Het voordeel van thuiswerken tijdens een hittegolf is dat je nu eindelijk wél die korte broek naar je werk aan kan.

Koel hartslagpunten
Begint de warmte toe te slaan? Verkoel je hartslagpunten. Leg aan de achterkant van je nek of knieën een natte doek of houd je polsen onder koud stromend water.

Verschuif je werktijd
Niet elk huis of thuiswerkplek beschikt over goede zonwering of een airco, waardoor het gedurende de dag behoorlijk kan opwarmen. Een tropenrooster biedt uitkomst: voor de ergste hitte beginnen en op tijd weer afsluiten.

Vocht aanvullen

Genoeg drinken is een tip uit de oude doos, maar wel heel belangrijk en daarom de vermelding waard: drink genoeg vocht. Zet een fles water naast je computer zodat je ziet hoeveel je drinkt op een dag. Vries de avond van tevoren een flesje water in, voor extra verkoeling. Lekker: ga voor water met een smaakje. Doe er schijfjes citroen, sinaasappel of komkommer in. Ook lekker: eet fruit met hoog watergehalte, zoals watermeloen. 

 

PRIJS BOUWKAVEL ZAKT MET 7 PROCENT

De werkelijke gemiddelde prijs van bouwkavels is het afgelopen kwartaal gedaald met 6,99 procent. In het tweede kwartaal bedroeg de grondprijs gemiddeld 467 euro per m², in het eerste kwartaal van  2020 was dat nog 502 euro.

Dat blijkt uit door het Kadaster bijgehouden transacties van woningbouwkavels. Volgens bureau Metafoor Ruimtelijke Ontwikkeling blijkt uit die cijfers dat de transactieprijzen zich weinig laten beïnvloeden door de marktontwikkelingen. Immers, de woningprijzen van bestaande woningen in stegen het tweede kwartaal met 4 procent en de zogeheten krapte-indicator kent de laagste stand van deze eeuw. Op de markt voor nieuwbouwwoningen zijn dezelfde trends zichtbaar: het aanbod is dit kwartaal verder afgenomen en de gemiddelde prijs van een nieuwbouwwoning is toegenomen met 4,4 procent.

Betaalbare woningbouw

‘In de praktijk blijkt dat gemeenten de grondprijzen maar mondjesmaat verhogen. Bovendien verkopen gemeenten regelmatig gronden voor een lagere prijs om betaalbare en duurzame woningbouw te stimuleren’, aldus Metafoor-directeur Erik Berkelmans.

De gevolgen van de coronacrisis lijken de eerder verwachtte trends te versnellen. De directe woningbouwkosten stijgen nog slechts gering en de resultaten van aanbestedingen vallen lager uit: de prijs die aannemers vragen voor het bouwen van woningen daalt ten opzichte van vorig kwartaal 0,57 procent. Dat is volgens Berkelmans een behoorlijke daling. ‘Hoewel de voorgaande kwartalen al zeer geringe dalingen lieten zien, is het voor het eerst in circa zeven jaar dat een dergelijk sterke daling voorkomt.’

Coronavirus

Hoewel de directe loon- en arbeidskosten nog steeds stijgen, worden bouwopdrachten voor een lagere prijs op de markt gezet. Dat houdt volgens Berkelmans verband met de tegenslagen die de bouwsector recentelijk te verwerken kreeg. Werd de sector eerder bedreigd met stikstof en PFAS problematiek, momenteel kampt de sector met de situatie rondom het coronavirus. Daardoor keldert niet alleen het ondernemers-vertrouwen in de bouw, maar ook de orderportefeuilles in de sector zijn flink gekrompen. Veel bedrijven hebben dan ook overheidssteun aangevraagd.

Aan de andere kant, zo benadrukt Berkelmans, blijft de vraag naar woningen groot. Zo noemde minister Ollongren (Binnenlandse Zaken) dat er tot 2030 845.000 nieuwe woningen bij moeten komen om woningtekorten tegen te gaan.

 

AFVALBEDRIJF FAILLIET, LOKALE OVERHEID RUIMT DE ROMMEL OP

Faillissementen bij afvalbedrijven zorgen voor hoge maatschappelijke kosten waarvoor provincies en gemeenten meestal moeten opdraaien. De schade loopt in de miljoenen euro's, haalde onderzoeksplatform Investico naar boven.

Opruimen
Dat komt omdat failliette afvalbedrijven vaak bergen onverwerkt afval achterlaten. Het is vervolgens aan lokale overheden om de rommel op te ruimen. In de Limburgse gemeente Stein bijvoorbeeld, kostte het faillissement van afvalbedrijf BAG in 2018 de gemeente en provincie samen 5,5 miljoen euro.

Onverzekerd
De schade kan niet op het bedrijf verhaald worden, dat is immers failliet. En ook verzekeraars dekken de schade niet. Vanwege het hoge risico willen steeds minder verzekeraars afvalbedrijven nog verzekeren, waardoor veel afvalbedrijven onverzekerd zijn. Dat betekent dat de kosten uiteindelijk worden afgewikkeld op de maatschappij.

Branden
In totaal onderzocht Investico acht faillissementen in de afvalsector waarbij gemeenten en provincies opgeteld voor 15,9 miljoen euro aan kosten moesten opdraaien. Maar in totaal gingen er de afgelopen vijf jaar tenminste 22 afvalbedrijven failliet. Het Interprovinciaal Overleg (IPO) constateerde al eerder dat zowel het aantal branden als het aantal faillissementen in de sector sterk toeneemt, en trok bij het rijk aan de bel.

Toezicht

In sommige gevallen lijkt er bovendien sprake te zijn van criminaliteit, die moeilijk aan het licht komt omdat de wet- en regelgeving ingewikkeld is en het toezicht beperkt. Dat is voor een deel te wijten aan het feit dat de omgevingsdiensten, die het toezicht uitvoeren, van lokale overheden te weinig budget krijgen om hun taken uit te voeren. Daarvoor waarschuwde het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid in 2019 al. Bovendien ligt belangenverstrengeling op de loer omdat lokale bestuurders soms eigenaar of mede-aandeelhouder zijn van een afvalbedrijf.

 

LOKALE MONDKAPJESPLICHT VANWEGE JONGEREN EN TOERISTEN

De ruimte voor lokale experimenten met de mondkapjesplicht in drukke gebieden in Amsterdam en Rotterdam is ingegeven door het feit dat jongeren en toeristen zich vaak niet aan de geldende anderhalvemeternorm houden. Dat schrijft minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan de Tweede Kamer. ‘We willen allen graag weten hoe aanvullende maatregelen een bijdrage kunnen leveren aan gedragsbeïnvloeding.’

Bijzondere uitdagingen
De minister gaat in zijn antwoorden op vragen van D66-Kamerleden Maarten Groothuizen en Joost Sneller over hoe deze lokale experimenten met mondkapjes zich verhouden tot artikel 10 van de Grondwet (recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer). Volgens De Jonge kampen de veiligheidsregio’s met ‘bijzondere uitdagingen’ als het gaat om de naleving van coronamaatregelen en de handhaving daarop en bestaat er bij hen een bredere behoefte om te experimenteren met gedragsinterventies. ‘Zij krijgen de ruimte om lokaal te verkennen welke oplossingen bijdragen.’

Inzet noodverordening ‘tijdelijk mogelijk’
Hoogleraren als Jan Brouwer en Wim Voermans hebben meermaals kritiek geuit op de (langdurige) inzet van de noodverordeningen en wezen erop dat een algemene of lokale mondkapjesplicht juridisch niet kan. Maar in tegenstelling tot het standpunt van de hoogleraren, meent het kabinet dat ‘gelet op de bijzondere situatie waarin we ons bevinden bij uitzondering het inzetten van deze noodverordeningen tijdelijk mogelijk is’. ‘In het advies van de Raad van State van 25 mei 2020 kan steun worden gevonden voor dit standpunt.’ Wel is motivering van noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit van maatregelen steeds vereist. ‘Dit gaat dan om een goede motivatie naar tijd en plaats, op basis van de lokale ontwikkelingen rond gedragingen van de bewoners en bezoekers.’

Bestuursrechtelijke mogelijkheden
Deze lokale mondkapjesplicht nadrukkelijk een aanvulling op de anderhalvemeternorm en komt daarvoor niet in de plaats, schrijft minister De Jonge. ‘Overtreding hiervan is strafbaar (artikel 443 van het Wetboek van Strafrecht). Op schending van de mondkapjesplicht staat een boete van 95 euro en de voorzitters van de veiligheidsregio’s hebben bestuursrechtelijke mogelijkheden om hun noodverordeningen te handhaven (artikel 34 van de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid).’

Rechtszaken vóór 1 september
Mensen die na een boete een gang naar de rechter willen maken staat dat uiteraard vrij. ‘Het OM beoordeelt alle door politie en boa’s uitgeschreven processen-verbaal en weegt in elk individueel geval zorgvuldig of de zich voorgedane situatie aanleiding geeft tot het opleggen van een boete vanwege overtreding van de noodmaatregelen.’ Het is aan de rechter te beoordelen of de boete rechtmatig is opgelegd, ‘waarbij rekening zal worden gehouden met de omstandigheden van het geval’. ‘De rechtspraak en het OM spannen zich beide in om vóór 1 september 2020 een (beperkt) aantal verzetszaken tegen corona-strafbeschikkingen bij de kantonrechter aan te brengen.’

Begrip
Maar hoe gaat minister De Jonge de burger uitleggen dat hij vanuit gezondheidsperspectief geen reden ziet om een niet-medisch mondkapje te dragen, maar dat dit, onder omstandigheden, toch wordt verplicht? En is die behoefte om te experimenteren voldoende grond voor een verplichting? De Jonge zegt ‘begrip’ te hebben voor de experimenten met de mondkapjesplicht. ‘We willen allen graag weten hoe aanvullende maatregelen een bijdrage kunnen leveren aan gedragsbeïnvloeding.’

Jongeren en toeristen

Op de vraag waarom hij dan niet een oproep doet om vrijwillig mondkapjes te dragen, antwoordt de minister dat het iedereen vrij staat om een mondkapje te dragen. ‘Daarbij roepen we nadrukkelijk op dat mensen zich goed laten informeren over het correct gebruiken van die mondkapjes.’ Ook geven de voorzitters van de veiligheidsregio’s aan dat toeristen en jongeren zich juist minder laten leiden door de geldende norm en op drukke plekken handhaving op de anderhalve meter dan lastig is. De experimenten moeten uitwijzen of een mondkapjesplicht een positieve invloed kan hebben op de gedragsbeïnvloeding ‘en daarmee een goede aanvulling is op de genomen maatregelen’.

 

UITGAVEN EXTERNE INHUUR VLAKKEN AF

In 2019 besteedden gemeenten 18 procent van de totale loonsom aan externe inhuur. Dit is een daling van twee procentpunten ten opzichte van 2018. Daarmee lijkt de stijging van uitgaven aan externe inhuur sinds 2014 in 2019 af te vlakken. Dat blijkt uit de Personeelsmonitor Gemeenten 2019 van A&O fonds Gemeenten.

Meer flexibele inzet eigen medewerkers

Ruim twee derde van de gemeenten gaf aan dat ze actief proberen externe inhuur terug te dringen. Dit doen ze meestal door flexibele inzet van (eigen) medewerkers (42 procent), het omzetten van flexibele in vaste banen (40 procent) en het aanbieden van tijdelijke dienstverbanden (36 procent). Raamcontracten voor externe inhuur tegen lagere kosten (24 procent) en bestuurlijke maatregelen (17 procent) zijn minder in trek. Bij de kleinste gemeenten (onder 20.000 inwoners) is de externe inhuur met 19 procent gelijk gebleven aan 2018. In de andere gemeentegrootteklassen daalden de externe inhuur vergeleken met 2018, het meest in de G4: van 21 naar 18 procent van de loonsom.

Aandeel flexibele bezetting gelijk gebleven

Net als een jaar eerder betrof 18 procent van de bezetting in 2019 flexibele bezetting: medewerkers die op basis van een uitzend-, payroll- of detacheringsovereenkomst werkzaam zijn, zzp’ers en medewerkers met een tijdelijke aanstelling van maximaal een jaar (exclusief proefaanstellingen). Daarmee is de toename van flexibilisering in de periode 2015-2017 stopgezet. De helft van de gemeenten geeft aan het flexibele deel van de bezetting te willen verkleinen en 28 procent wil deze gelijk houden. Een vijfde van de ondervraagde gemeenten wil het flexibele deel juist vergroten.

Minder payrolling

In het licht van de huidige coronacrisis en de daarmee gepaard gaande uitdagingen voor gemeenten kan het zijn dat in 2020 externe inhuur en flexibele bezetting toch weer toenemen, merkt A&O fonds Gemeenten op. Opvallend is de afname van payrolling als veelgebruikte flexibele contractvorm: van 30 procent in 2018 naar 19 procent in 2019. Opmerkelijk hierbij is dan wel dat ruim driekwart van de gemeenten in de enquête aangeven dat de payrolltoeslag niet van invloed is op de inzet van payrolling. Een derde van de gemeente maakte vorig jaar gebruik van detacheringsovereenkomsten, terwijl dat in 2018 nog 26 procent was. Ook was het aandeel zzp’ers hoger: van 4 naar 9 procent.

 

Ontvang ook onze nieuwsbrief